Prijs kerosine bijna verdubbeld: tickets duurder of vluchten geschrapt door tekort: een analyse
In dit artikel:
De oorlog in het Midden-Oosten heeft niet alleen de benzineprijs op drift gebracht; de prijs van kerosine — de brandstof voor vliegtuigen — is sinds het begin van het conflict fors gestegen en is bijna verdubbeld. Vooral in Europa is de stijging scherp, omdat een groot deel van de kerosine die de regio gebruikt uit de Golfregio afkomstig is.
Oorzaken zijn oorlog-gerelateerde leverings- en risicofactoren: verstoorde toevoer, hogere verzekerings- en transportkosten en een opgejaagde markt die extra premies rekent voor onzekerheid. Tegelijkertijd speelt de herstelde vraag naar vliegreizen na de coronaperiode een rol, net als beperkte raffinagecapaciteit en voorraden die niet altijd snel kunnen bijspringen.
De gevolgen raken airlines en passagiers: luchtvaartmaatschappijen zien hun brandstofkosten sterk toenemen, wat kan leiden tot hogere ticketprijzen, brandstoftoeslagen en druk op de winstgevendheid van carriers. Ook vrachtvervoer en logistieke ketens voelen de pijn doordat transportkosten stijgen. Als reactie kunnen maatschappijen hun brandstofinkoop anders afdekken, vluchten herplannen of op zoek gaan naar alternatieve leveranciers; op termijn kunnen meer Europese raffinagecapaciteiten, strategische voorraden of vergroting van duurzame brandstofproductie de kwetsbaarheid verminderen.
Kortom: de oorlog in het Midden-Oosten vertaalt zich direct in geopolitieke druk op de Europese kerosinemarkt, met brede economische gevolgen voor de luchtvaart en aansluitende sectoren.